Logaritmecalculator
Een logaritme beantwoordt de vraag: tot welke macht moet je het grondtal verheffen om dit getal te krijgen?
Resultaat
3Logaritme
- Controle: 10^3 = 1.000
- ln (grondtal e)
- 6,90775528
- log (grondtal 10)
- 3
- log (grondtal 2)
- 9,96578428
Invoer
- Getal
- 1000
- Grondtal
- 10
Zo wordt het berekend
log_b(x) = ln(x) ÷ ln(b).
Resultaat
Logaritme
- ln (grondtal e)
- 6,90775528
- log (grondtal 10)
- 3
- log (grondtal 2)
- 9,96578428
Zo wordt het berekend
- log_b(x) = ln(x) ÷ ln(b).
- Voorwaarden: x > 0, b > 0 en b ≠ 1.
- Controle: b^uitkomst = x.
Voorbeeld
log₁₀(1,000) = 3, want 10³ = 1,000.
Goed om te weten
- De logaritme van nul of een negatief getal bestaat niet binnen de reële getallen.
- Resultaten worden afgerond op 8 decimalen.
Wanneer gebruik je dit?
- Bereken tot welke macht je een grondtal moet verheffen om een getal te krijgen.
- Kies grondtal 10, de natuurlijke basis e, grondtal 2 of een eigen grondtal.
Veelgestelde vragen
Wat vertelt een logaritme?
Een logaritme vertelt tot welke macht je het grondtal moet verheffen om het opgegeven getal te krijgen. Bijvoorbeeld: log₁₀(1,000) = 3, want 10³ = 1,000.
Wat is het verschil tussen log en ln?
log betekent meestal een logaritme met grondtal 10. ln is de natuurlijke logaritme met grondtal e.
Welke getallen zijn geldige invoer?
Het getal x moet groter zijn dan 0. Ook grondtal b moet positief zijn en mag niet gelijk zijn aan 1.